Leestijd: ± 5 minuten
Relationele en seksuele vorming (RSV) ligt al enkele jaren onder een vergrootglas. Discussies over eindtermen, gender, seksuele diversiteit en de rol van scholen volgen elkaar in sneltempo op. Vaak spreken beleidsmakers, ouders of belangenorganisaties zich uit over wat jongeren zouden moeten leren. Maar hoe kijken leerlingen daar zelf naar?
Precies die vraag staat centraal in deze masterproef. Via focusgroepen met leerlingen uit de tweede graad doorstroomonderwijs onderzochten de onderzoekers in welke mate het huidige lessenpakket relationele en seksuele vorming aansluit bij wat jongeren vandaag nodig hebben.
De conclusie is opvallend duidelijk: leerlingen zijn niet ontevreden over de thema's die aan bod komen, maar vragen wel een andere invulling. Minder theorie, meer praktijk. Minder zenden, meer dialoog. En vooral: een omgeving waarin ze zich veilig voelen om vragen te stellen.