Welkom in de klas: wat gebeurt er als ouders mee in de kleuterklas zitten?

Leestijd: ± 6 minuten

 

Ouderbetrokkenheid wordt vaak genoemd als een sleutel tot onderwijskansen. Maar hoe betrek je ouders die zelf weinig schoolervaring hebben of zich onzeker voelen tegenover de school?

 

Dat was de vraag achter Welkom in de Klas (WIK), een project van Ligo Brusselleer. Daarbij worden ouders wekelijks uitgenodigd in de kleuterklas van hun kind om samen een korte activiteit te doen. Niet in het Nederlands, maar in hun eigen moedertaal.

 

In haar masterproef onderzocht Ella Martens hoe laagopgeleide moeders dit project ervaren. De conclusie is duidelijk: ouders voelen zich meer betrokken bij de school, krijgen meer inzicht in wat hun kind leert en winnen aan zelfvertrouwen. Tegelijk blijven er ook enkele aandachtspunten. 

Waarom is dit belangrijk?

In Vlaanderen heeft de sociale achtergrond van kinderen nog altijd een grote invloed op hun schoolloopbaan. Die verschillen ontstaan vaak al vóór kinderen naar school gaan.

 

Onderzoek toont aan dat ouderbetrokkenheid een belangrijke rol speelt bij het verkleinen van die kloof. Wanneer ouders betrokken zijn bij het leren van hun kind, heeft dat een positieve invloed op de houding tegenover school en op de leerprestaties.

 

Met Welkom in de Klas wil men daarom twee dingen bereiken:

  1. de interactie tussen ouder en kind stimuleren;
  2. de afstand tussen ouders en school verkleinen
ahmadreza rezaie bIBc jsNVOw unsplash

Een kwartiertje per week

Het principe van WIK is eenvoudig.

 

Ouders komen één keer per week gedurende ongeveer twintig minuten naar de klas van hun kleuter. Samen spelen ze een spelletje of doen ze een activiteit. De bedoeling is dat ouders daarbij hun moedertaal gebruiken en zoveel mogelijk met hun kind praten.

 

Kinderen kijken ernaar uit

Ouders ervaren het wekelijkse karakter van WIK heel positief. De vaste activiteit zorgt voor structuur en herkenbaarheid. Veel kinderen kijken er echt naar uit dat mama of papa mee naar de klas komt. Sommige ouders vertellen zelfs dat hun kind de hele week aftelt naar de WIK-dag.

 

Ook praktisch blijkt het project goed haalbaar. 

2567190

De drempel naar de leerkracht wordt kleiner

Door wekelijks even in de klas aanwezig te zijn, leren ouders de leerkracht beter kennen. Daardoor durven ze sneller een vraag stellen of een gesprek aangaan.

 

Veel moeders vergelijken de situatie met oudere kinderen, toen er nog geen WIK bestond. Toen kenden ze de leerkracht soms nauwelijks. Nu voelen ze zich meer welkom en meer betrokken bij wat er op school gebeurt.

 

WIK blijkt zo een eenvoudige manier om de kloof tussen school en ouders kleiner te maken.

 

Niet elke instructie is vanzelfsprekend

Toch is er ook een belangrijk aandachtspunt. Moeders vertellen dat ze soms niet goed weten wat ze precies moeten doen.

 

Dat heeft niet altijd met taal te maken.

 

Sommige spelletjes of opdrachten zijn voor ouders die zelf weinig of geen schoolervaring hebben minder vanzelfsprekend. Ze lossen dat vaak op door extra uitleg te vragen of te kijken naar wat andere ouders doen.

 

Volgens de onderzoeker is het daarom belangrijk om activiteiten eenvoudig te houden en stap voor stap voor te doen.

 

Meer gesprekken tussen ouder en kind

WIK wil ouders en kinderen vooral samen laten praten. Opvallend is wel dat niet alle ouders hun moedertaal gebruiken tijdens de activiteit, terwijl dat net de bedoeling is. Sommige ouders schakelen over naar Nederlands of Frans omdat ze denken dat dit beter is voor hun kind.

 

De studie wijst erop dat scholen ouders nog sterker kunnen informeren over het belang van de moedertaal voor de taalontwikkeling van kinderen.

 

Ouders leren zelf ook bij

WIK blijkt niet alleen iets te betekenen voor kinderen,  dankzij het project kunnen ouders beter begrijpen wat er in de kleuterklas gebeurt. Ze leren nieuwe spelletjes kennen, krijgen ideeën om thuis met hun kind bezig te zijn en ontdekken hoe hun kind zich op school gedraagt.

 

Sommigen doen ervaringen op die vroeger buiten hun comfortzone lagen. Zo vertelde een moeder trots hoe ze voor het eerst een verhaal voorlas in de klas, ondanks de zenuwen die ze vooraf voelde.

 

Dat soort ervaringen versterkt hun zelfvertrouwen als ouder.

Dat soort ervaringen versterkt hun zelfvertrouwen als ouder.

Wat kunnen scholen hiervan leren?

WIK heeft duidelijk potentieel, maar het project werkt het best wanneer het deel uitmaakt van een bredere visie op ouderbetrokkenheid.

 

Belangrijke lessen uit het onderzoek zijn:

  • werk met een vaste structuur en regelmaat;
  • houd activiteiten eenvoudig en duidelijk;
  • besteed aandacht aan de rol van de moedertaal;
  • creëer informele ontmoetingskansen tussen ouders en leerkrachten;
  • zie ouderbetrokkenheid als een opdracht van de hele school.

 

Meer weten?

Wil je meer weten over de ervaringen van ouders, de rol van ouderbetrokkenheid en de kansen die projecten zoals Welkom in de Klas bieden?

 

👉 Lees dan de masterproef “Inzetten op een rijke ouder-kind-interactie: Hoe ervaren laagopgeleide moeders het project ‘Welkom in de Klas’?” van Ella Martens.